De eikenprocessierups (Thaumetopoea Processionea) komt sinds 2004 in toenemende mate in Nederland voor. Het is een bladvretende rups van een nachtvlinder die, zoals de naam al zegt, vooral op eiken voorkomt.
De eitjes van de rups komen uit in het voorjaar, zodra de eerste jonge eikenbladen te voorschijn komen. In Nederland en Vlaanderen ontwikkelt de rups zich in zulke grote aantallen dat van een plaag gesproken kan worden.
De processierups zit vooral aan de zonnige zuidkant van de eikenstammen in eikenlanen. De nesten bestaan uit een dicht spinsel van vervellingshuidjes, met (brand)haren en uitwerpselen. De brandharen van de rups vormen voor de mens een gevaar voor de gezondheid.
De eigenaar van de besmette bomen is verantwoordelijk voor de overlast-bestrijding en het waarschuwen van publiek. Veel eikenbomen zijn eigendom van gemeenten (stedelijk groen), van Provincie of Rijkswaterstaat (laanbomen langs provinciale wegen en rijkswegen) of van Staatsbosbeheer.